Een mooie match
Bestuurders Ismail Meral en Jacco Lamper aan het woord:
Hoe was het begin toen je net met de organisatie begon?
Ismail: ‘Voor mij begon het in 2004. Ik had toen nog geen duidelijk beeld voor ogen hoe het moest zijn. Vanuit mijn gezichtspunt en verbeterdoelstellingen ging ik kijken hoe ik een zorgorganisatie kon opbouwen. Zo ben je onder andere afhankelijk van externe factoren zoals financierders. Vanuit mijn wilskracht en dingen doen ging ik ervoor. De specifieke missie was het laagdrempelig maken van de zorg voor ouderen. Vanuit mijn ervaring als maatschappelijk werker wist ik wat de ouderen nodig hadden. Met name een thuisgevoel creëren en iemand waar ze op konden rekenen. Hoe zorgen we ervoor dat het gefinancierd wordt vanuit de bestaande potjes/structuur. De doelgroep die ik voor ogen had waren de allochtone ouderen die door hoge drempels geen toegang hadden tot de zorg. In de praktijk betekende dat de mensen ook een taalachterstand hadden. Die doelgroep wist toen ook nog niet dat zij hulp konden krijgen voor bepaalde zaken. Naarmate ik bekender raakte met hoe het systeem werkte, kon ik gerichte beslissingen nemen.’
Jacco: ‘Ik kwam zo’n zeven jaar later in beeld. Via ons netwerk zijn wij met elkaar in contact gekomen. Eind 2010 wilde Ismail verpleeghuiszorg leveren voor de Chinese doelgroep en hij had een behandeldienst nodig. Ik had daar toen een bedrijf in samen met een specialist. Zo zijn wij met elkaar in contact gekomen. Ik gaf Ismail het advies om niet voor de behandeldienst te kiezen, maar het op een andere manier te regelen en de huisarts erin te betrekken. Nadat wij met elkaar in gesprek waren geweest vroeg Ismail of ik commissaris wilde worden en uiteindelijk heb ik dat ook gedaan. Ik kwam in de organisatie terecht waar niets geregeld was en iedereen z’n ding deed, maar dat ging goed. Als commissaris heb ik de financiën geprofessionaliseerd. De organisatie groeide toen al en het waren spannende tijden vanwege de inkrimping van de huishoudelijke ondersteuning door de lage tarieven.’
Ismail: ‘Door veranderende wet- en regelgeving was het voor ons niet duidelijk hoe we de organisatie moesten inrichten. Ons doel was hoe zorgen wij ervoor een systeemgerichte manier van maatschappelijk werken te kunnen financieren in de bestaande structuur.’
Jacco: ‘We wisten dat er in 2015 verschillende wetgevingen zouden wijzigen. De WMO (Wet maatschappelijke ondersteuning) en WLZ (Wet langdurige zorg) zouden veel veranderen en complexer worden. In dat jaar heb ik mijn bedrijf verkocht en ben ik voor de organisatie gaan werken. We hebben toen ook de hele organisatie opnieuw opgebouwd.’
Ismail: ‘Elke keer als zich een mogelijkheid voordeed, dan gingen wij met passie aan de slag. Wij vulden elkaar heel goed aan. Dat was voor mij een directe aanleiding om Jacco bij de organisatie te betrekken. Het kon gewoon niet anders. Wij zijn ook naar het buitenland geweest om te kijken hoe de zorg daar geregeld was. Het was een wisselwerking tussen Jacco en ik. We hadden dezelfde drive. Jacco vanuit de financiële kant en ik inhoudelijk wat ik voor ogen had aan verbeteringen in de zorg. Een mooie match.
Wij beloofden elkaar dat Jacco zich in zou zetten voor de doelstellingen die wij voor de organisatie nastreefden.’ ‘Als ik terugkijk dan probeerde ik de onduidelijkheid te compenseren met heldere en duidelijke beleids- en marketingplannen. Van de afgelopen twintig jaar ben ik erg trots dat wij altijd heldere plannen hadden. In het begin werkten we eerst met plannen voor twee jaar, daarna voor drie en uiteindelijk voor vijf jaar. De laatste drie plannen hebben Jacco en ik samen geschreven. Focusvernieuwing verheffing. De eerste die wij samen schreven was elf jaar geleden.
Overleven, reserveren, voorwaarts was ook één van de beleidsplannen. Het was niet leuk, maar wel noodzakelijk om door te kunnen gaan. Met de plannen zijn wij altijd dicht bij onszelf gebleven. Geld is nooit het uitgangspunt geweest. Het is een middel. Educatie en methodisch werken was de kracht die we wilden uitstralen. Dat was ons onderscheidend vermogen. Het was onze houvast in alles wat wij deden en daar ben ik trots op. Dat er iets staat waar wij onze tijd aan hebben gegeven. Onze gezamenlijke doelen zorgen ervoor dat wij met elk beleidsplan verder zijn dan de rest, omdat wij een onderscheidend vermogen hebben. We hebben een bepaalde cultuur gecreëerd waar iedereen zich veilig kan voelen ook al zijn er verschillende achtergronden, perspectieven, levensfasen. Dat versterkt ons zijn.’
‘We hebben vijf woonzorgcentra en in elk daarvan wordt geluk gecreëerd. Als ik daar ben, voel ik mij wel trots. Dat kwam dankzij de plannen, die wij met elkaar hebben afgestemd. Iedereen heeft daar zijn eigen bijdrage aan geleverd vanuit zijn of haar perspectief. Iedereen voegt iets toe. We willen een groot verschil maken. Ruimdenkend. We geloven in het goede van de mensen.’
Jacco: ‘Soms moet je ook gewoon geluk hebben. Neem bijvoorbeeld de Boomgaard, ons Chinees woonzorgcentrum. Wij wilden er een verpleeghuis van maken, maar die toestemming kregen wij niet van het zorgkantoor en daardoor is het een woonzorgcentrum met VPT (Volledig Pakket Thuis) geworden. En nu zijn wij de oudste VPT-locatie van Nederland dat een voorbeeld is. En dat is nu tien jaar geleden. Niet alleen geluk maar ook doorzettingsvermogen.’
Als je vooruitkijkt, hoe ziet de toekomst er voor de organisatie uit?
Ismail: ‘Gelukkig weten we dat niet. MIJ is nog een in te vullen begrip. Iedereen kan daar zelf een invulling aan geven. We gaan zien wat dat betekent over 20 jaar. En wat je gelooft, is wat je wordt.’
Jacco: ‘We groeien nog steeds. Wij krijgen er mooie nieuwe locaties bij, maar het hoeft niet nog meer. We hebben een bepaalde schaal die groot genoeg is. Vroeger moesten wij op zoek naar samenwerkingspartners. Die mensen weten ons nu te vinden. Ze zien dat wij succesvol zijn en dat is leuk om te zien. Het is een groot verschil met vroeger. Als je niet groot denkt dan gebeurt er niets.’
Wat is je levensmotto
Ismail: ‘Hoe kan ik het meeste bijdragen in de wereld.’
Jacco: ‘Alles komt goed.’
